Uit: Algemeen Dagblad, 5 januari 1996, blz. 27
Een tekkel met een hernia, een bouvier met een voetbalknie of een paard met gescheurde kruisbanden: anno 1996 zijn ze stuk voor stuk welkom bij de fysiotherapeut. ‘Waarom zou je een dier met pijnlijke gewrichten of spieren mank laten rondlopen, terwijl je mensen met soortgelijke klachten wèl direct onder infrarood-lamp, laserapparatuur of een paar geoefende massagehanden legt?’, zo redeneren de ruim honderd dierenfysiotherapeuten die Nederland, sinds de officiële beroepserkenning in 1992, telt. Diagnose zocht één van hen op en keek toe hoe zij de bouviers, tekkels en andere viervoeters er met behulp van hun uitermate gemotiveerde baasjes, weer bovenop helpen.
DINSDAGMIDDAG half een. Het hondenspreekuur van Dorit Aharon, dierenarts èn initiatiefneemster van het Fysiotherapeutisch Revalidatie Centrum voor Dieren begint. Met opgeheven hoofd trippelt Koira, een driejarige Presa Canario (die veel weg heeft van een veredelde boxer met tijgerprint) de behandelkamer in. In haar kielzog volgt baasje Jacques Sjouwerman die haar inmiddels voor de zesde keer bij zijn fysiotherapeut naar binnen loodst.
En niet voor niets, zo blijkt al snel. Koira is namelijk van de trap gevallen en kwam daarbij zo ongelukkig terecht dat van haar rechter achterpoot allebei de kniebanden afscheurden. Na de operatie kreeg Koira’s baasje te horen dat z’n hond in het gunstigste geval weer tot tachtig procent zou herstellen: een klap in het gezicht van Jacques die Koira vanaf de Canarische Eilanden had meegenomen en sindsdien met veel toewijding had opgevoed. Een jonge hond de rest van z’n leven kreupel laten lopen? Nee, in elk geval niét, voordat al het mogelijke is geprobeerd.
Via via kwam Koira bij Dorit Aharon terecht, die direct begon met een zwaar oefenprogramma. Niet alleen zij moest oefenen; óók Jacques diende dagelijks de nodige tijd aan de revalidatie te besteden. Terwijl Dorit Koira op haar zij heeft gelegd en ‘doorbeweegt’ oftewel haar rechter achterpoot onophoudelijk buigt en strekt, vertelt Jacques: "Voordat ik ’s morgens en ’s avonds met haar naar buiten ga, geef ik haar een bindweefselmassage om haar spieren soepel te maken. Vervolgens ga ik na een flinke wandeling met haar naar de speelplaats bij mij op de hoek. Daar staat een kantelplank die sprekend lijkt op die van hier. Om haar evenwicht te bewaren moét ze dan wel die pijnlijke achterpoot gebruiken. Het gaat na zes keer therapie al stukken beter. Je had haar in het begin moeten zien! Ze kon haar rechterpoot amper naar links en rechts krijgen en ontzag hem helemaal. Daardoor slinken d’r spieren ook enorm. Mensen dachten aanvankelijk wel dat ik een grapje maakte, toen ik vertelde dat ik met Koira naar de fysiotherapie ging. Bijna niemand weet dat zoiets ook voor dieren bestaat. Maar toen ik uitlegde wat hier gebeurde en ze met eigen ogen zagen hoe Koira opknapte, draaiden ze wel bij."
Sinds 1 februari 1992 is dierenfysiotherapie een erkend specialisme. Voor het behalen van het diploma is, behalve de normale opleiding fysiotherapie, een tweejarige cursus aan de veterinaire faculteit van de Utrechtse universiteit vereist. In tegenstelling tot een dierenarts richt de dierenfysiotherapeut zich uitsluitend op het bewegingsgestel van mensen of dieren. Honden en paarden die pijn aan hun gewrichten en spieren hebben, kunnen bij de dierenfysiotherapeut terecht. Maar voor een chirurgische operatie of medicijnen moeten ze bij de dierenarts zijn.
Dorit Aharon vindt dat dierenfysiotherapie eigenlijk gewoon in het verlengde van de conservatieve diergeneeskunde ligt.
"Een reden waarom ik deze specialisatie heb gedaan, is het feit dat ik zelf ooit ook veel baat bij fysiotherapie heb gehad. Waarom zou een dier dat dan niet hebben? Fysiotherapie werkt vanuit de natuur zelf. Je stimuleert de genezing er alleen mee. Heeft een hond spierkramp? Dan verdwijnt die ook vanzelf wel, alleen duurt dat langer en gaat het met meer pijn gepaard."
"Je kunt fysiotherapeutische behandelingen ook veel begrijpelijker maken dan de conservatieve ingrepen. Leg maar eens uit wat het leverprobleem van de kat van meneer X inhoudt! Maar in Nederland, waar men gek is van voetbal, weet iedereen wèl het nodige van anatomie. Vertel je iets over botten, spieren en pezen dan begrijpen veel mensen dat. En dat móet ook wel, want de baasjes van honden die komen, dienen thuis ook met hen te oefenen."
Vrijwel alle bewegingsstoornissen bij dieren kunnen fysiotherapeutisch worden behandeld. Voor een groot deel gebeurt dit met de blote hand, maar er komen ook allerlei apparaten aan te pas die rechtstreeks inwerken op slecht functionerende cellen. Een therapeutische laser, die veel wegheeft van een zilveren vulpen, geeft bijvoorbeeld sterk gebundelde lichtprikkels af. En het ultra-geluidsapparaat dat hoogfrequente trillingen doorgeeft, is vooral geschikt voor het behandelen van geblesseerde pezen en het dempen van pijn.
Dorit Aharon:"De behandeling is kostbaar, maar onze filosofie is om mensen zo snel mogelijk zelfstandig te leren omgaan met het probleem van hun dier. We leren hen dus zèlf te masseren, door te bewegen (rekken en strekken) en geven indien nodig een conditieschema mee. Doen wij dit niet, dan kunnen de dieren wel twee keer per week hier komen, maar verloopt het herstel niet zo snel. En het dier is hier belangrijker dan onze portemonnee."
Dorit ontsmet de behandeltafel voor de volgende patiënt, een kleine Jack Russell met een zwieberend achterlijf. Hoewel Joris nog steeds veel van een dronken hondje wegheeft, is hij er volgens zijn baasje veel erger aan toe geweest. Deze chique Amsterdamse dame was de wanhoop nabij, toen ze haar 13 jaar oude Joris, met een lijfje zo krom als een vraagteken, in z’n mand zag liggen. Hij verrekte van de pijn en deed niets meer, omdat z’n rug verlamd was.
"Zette ik hem bij een boom neer, dan trok ie z’n poot omhoog en viel prompt om. Kon ik hem weer naar de volgende boom dragen. Ik dacht echt: dit is einde verhaal."
Dorit Aharon stortte zich echter met Joris op de pijnbestrijding, en het verbeteren van zijn conditie en verlamming. Naast de fysiotherapie krijgt het beestje nog medicijnen. Op de behandeltafel gilt Joris het uit, maar ditmaal uit pure aanstellerij, zo beweren zowel Dorit als z’n baasje. Nadat hij een massage en behandeling met de magneetring heeft gehad, trekt Dorit een plastic jas aan.
Eenmaal in de kelder beland zet ze Joris in het kleine bassin: time for a swim. Wie zwemt, gebruikt namelijk al zijn spieren, verzekert Dorit ons. Na de behandeling meldt zij dat ze ‘dramatisch tevreden’ is en Joris van verdere behandelingen ontslaat. Gemiddeld komen Dorit’s honden (paarden kan zij wegens de beperkte ruimte niet behandelen) zes keer voor een behandeling. Maar gaat het om een neurologisch probleem, zoals een hernia, dan is dat twaalf keer. Vooral tekkels lopen wegens hun langgerekte rug een grote kans op een hernia. Dit terwijl grote honden vaker last hebben van heupdysplasie (stramme heupen), waardoor de hond moeilijk loopt.
Na zwabberende Joris volgt een wit krullerig hondje dat op drie in plaats van vier poten de behandelkamer binnentrippelt.
Het blijkt één van de lastigste patiëntjes. Want ondanks herhaalde behandelingen vertikt het beest het zijn vierde poot te gebruiken. Dorit Aharon: "Ze heeft een dikke spierknoop in haar rechter achterpoot. Aangezien dit hondje licht is en alle honden voor tweederde op hun voorpoten steunen, wil ze niet die pijnlijke poot gebruiken. Daarom krijgt ze dagelijks tien minuten lang een gewichtje er omheen. Dan vergeet ze tenminste niet die poot neer te zetten."
Na de magneetband en massage is het tijd voor de loopband. In de behandeltafel staat een loopband die eveneens in fitnesscentra wordt gebruikt, zij het dat ie scheef staat. De honden moeten dus als het ware een helling oplopen, waardoor ze méér gewicht op hun minder ontwikkelde achterpoten krijgen.
Terwijl het baasje de halsband stevig vasthoudt, loopt het hondje alsof zijn leven ervan afhangt. Na enkele minuten stopt de band en mag het hijgende beestje plaatsnemen op de kantelplank. Onderop is een ronding bevestigd, waardoor de hond zich van links naar rechts met veel moeite en getrappel staande kan houden. Echt leuk is het niet, maar óók de pijnlijke poot neemt noodgedwongen aan dit spelletje deel.
Dierenfysiotherapie is duidelijk nog in opkomst. Niet alleen het aantal fysiotherapeuten dat deze specialisatie erbij doet, stijgt, maar ook het aantal aangemelde dieren is de laatste jaren behoorlijk toegenomen. Heilzaam of niet, toch kun je je afvragen of dierenfysiotherapie iets is voor normale mensen met geblesseerde dieren of voor hypochondrische mensen met normale diéren die ook zonder deze hulp wel genezen? Dorit Aharon: "Het is een prille, maar groeiende deskundigheid waar dieren enorm veel aan hebben. In sommige gevallen is met fysiotherapie zelfs een operatie te voorkomen. En de baasjes die hier komen, zijn mensen die het kunnen èn willen betalen. Ze denken wat ruimer dan de niet-kritische klant die medicijnen voor lief neemt en niet per se hoeft te weten wat de behandeling voor hun dier precies inhoudt."
Eenmaal weer buiten, loopt even verderop aan de Amstel de laatste klant. De dame met het hondje dat het vertikte zijn vierde pootje neer te zetten, heeft de instructie gekregen om net zo langzaam te lopen als haar hondje. En inderdaad, zij volgt deze instructie met uiterste voorzichtigheid op.
Samen schrijden ze voetje voor voetje over het trottoir, zich niets aantrekkend van passanten die zich schijnen af te vragen of beiden wellicht al flink bejaard zijn. Dierenfysiotherapie mag dan goed voor lijf en leden van beesten zijn; het uiteindelijke resultaat staat of valt met de onvoorwaardelijke liefde van een trouwe baas.




