november 2003
Ineens was mijn tierige teckel een zielig hoopje hond. Rillend van de pijn. De zondagarts dacht aan een longontsteking, mijn eigen dierenarts zag op maandag dat het een hernia was en verwees me naar een kliniek die gespecialiseerd was in operaties. Want dat was duidelijk na een paar dagen pijnstillers die geen resultaat hadden; hier moest ingegrepen worden.
In de kliniek werd ik voor twee dingen gewaarschuwd. Het kostenplaatje van de operatie alleen was al ca. 1200 tot 1300 euro. Daar zou wat mij betreft het probleem niet liggen; voor mijn teckel zou ik desnoods mijn huis verkopen. Het andere gevaar was de verlamming die zou kunnen optreden bij het onderzoek waarbij contrastvloeistof werd ingespoten. Liep dat goed af dan bracht de operatie ook nog eens hetzelfde risico. Kortom, veel pijn vooraf, veel pijn achteraf. En de kans dat een levenslustige teckel de rest van haar leven niet veel meer zou kunnen dan passief in een mandje liggen.
De teckel ging vier dagen ter observatie en ik bracht een paar heel zwarte dagen en nachten door. Wie liefheeft laat los. Ik wist dat ik mijn hond die lijdensweg moest besparen maar haar laten inslapen? Mijn hart brak alleen albij de gedachte.
Een rondje surfen bracht me bij de site van mevrouw Velleman. Die me waarschuwde voor een operatie en een andere oplossing aandroeg. Een oplossing die al veel baat had gehad bij andere honden met een hernia; mevrouw Aharon! Mevrouw Velleman stuurde me overigens nog een heel helder en objectief overzicht van hoe een hernia te voorkomen en welke mogelijkheden tot genezing waarvoor ik haar nog steeds heel dankbaar ben. Ik kwam terecht bij mevrouw Aharon.
Gelukkig! Nog steeds vind ik het ongelooflijk dat dat kleine hoopje hond met de zwabberende achterpootjes na een, inderdaad één behandeling, weer trippelde als vanouds. Het tweede bezoek in Noorden, een paar weken later, bevestigde mijn blijdschap. Het ging goed met mijn teckel. Niet alleen voor de behandeling ben ik dankbaar maar ook voor de ontvangst en de benadering; de wetenschap dat er iemand tegenover je staat die begrijpt dat een hond niet alleen maar een huisdier is maar vooral een levensgezel. Mevrouw Aharon, dank! En hieronder het verhaal van Moos de Theehuis-teckel en waarom ze zoveel meer voor me is dan een gewoon huisdier.
MOOS
Zes ruwharige teckelpups trokken de planten uit de zorgvuldig ingerichte patiotuin, sjouwden de zak met puppybrokken door de keuken, kortom sloopten huis en tuin terwijl pa en ma teckel rustig op de bank hun dutje deden, Kop aan kop, op de rug, poten recht omhoog. Gelukkig hadden ze personeel. Want inmiddels heb ik wel geleerd dat een hond een baas heeft maar een teckel heeft personeel! Het personeel, de twee heren eigenaars van de teckelpups, renden van hot naar her met kapotte voerzakken, vloerkleedjes, geknakte planten en vooral met teckelpups. Veel teckelpups want de zes pups leken zich mèt de seconde te vertienvoudigen.
Ik keek vol verbazing om me heen en probeerde vooral stil te blijven staan want overal, ook om mijn voeten heen, waggelden kleine hondenlijfjes met rechtopstaande spitse staartjes. Allemaal even leuk! Aan mij de taak er een uit te kiezen, een reutje zoals me was geadviseerd. Op de vraag of ik al een keuze gemaakt had, kon ik niet anders doen 'nee' schudden en voetje voor voetje naar een stoel schuifelen om verdwaasd te gaan zitten. De reutjes (vier in totaal) werden stuk voor stuk gevangen en in mijn handen gezet. "Ja, deze", zei ik. En ik zei het elke keer. Want hoe kun je nou verstandig kiezen uit een nest teckels!
Terwijl ik me afvroeg of ik ze allemaal zou nemen, werd er aan mijn broekspijp gekrabbeld en daar was ze: Moos! Ze klauterde gedecideerd met haar korte pootjes langs mijn benen omhoog en eindigde uiteindelijk op mijn schouder, met haar kopje in de holte van mijn nek, likte even aan mijn oor, zuchtte diep en viel in slaap.
Ik was gekozen. Dat plekje in mijn hals is heel lang haar rustplaats geweest. Toen ik een paar maanden later alleen kwam te staan, zwierf Moos tevreden in de auto met me mee, van hotel naar pension. Ze liet me overleven, belangrijker nog, ze liet me weer leven door haar komische acts als het leven me zinloos leek. Ze grapte en grolde tijdens de lange wandelingen die we maakten en zorgde ervoor dat mijn sombere gedachten plaats maakten voor al het mooie wat het leven ondanks alle tegenslag te bieden had; mooie uitzichten, aardige mensen en vooral, Moos, een lang lijf vol liefde.
Ze werd een inspiratiebron voor een wekelijkse column, puur voor mijn plezier geschreven maar ook om op een positieve manier uiting te geven aan alles wat me bezighield.*
Samen runnen we nu een theehuis in het noorden van het land. De ontvangst van de gasten was een van de taken van Moos. Voorlopig staat die taak op een laag pitje. Moos is even in de ziektewet en mag voorlopig slechts op therapeutische wijze bij 'haar bedrijf' betrokken zijn. Niet enthousiast naar de gasten rennen, maar zich làten begroeten in de mand met een aai over haar buik, krabbel achter haar oor. Moos heeft daar niet zoveel problemen mee; aan al haar trucs en acts heeft ze die van 'de zielige, grote bruine ogen' toegevoegd. Geloof me, iedereen die binnenstapt, sneuvelt ervoor en zal zich geruime tijd bezighouden met het aaien, knuffelen en troosten van de 'arme teckel die in het mandje moet blijven vanwege rugproblemen..'
*als u zo'n column zou willen lezen, hoor ik dat graag.




